Corsica

← Alle streken

Corsica

Het eiland dat men niet beschrijft maar beleeft — roze granieten bergen die rechtstreeks in een turquoise zee vallen, een maquis die ruikt naar rozemarijn en wilde munt, en een cultuur die hartstochtelijker is dan wat men elders in Frankrijk vindt.

2.722 m
Monte Cinto
1.000 km
Kustlijn
Apr–jun · sep
Beste reistijd
Hoog–laag
Sterk seizoensgebonden
Past bij: 🧭 Avontuur & natuur 🌿 Rust & bezinning 🍷 Genot & smaak 🏰 Cultuur & verhalen
Het eiland

L’Île de Beauté —
het eiland dat men niet vergeet

Corsica is geen Frans eiland dat toevallig Italiaans klinkt — het is een wereld op zichzelf, met een eigen taal, een eigen keuken, een eigen muziek en een eigen manier van in het leven staan die men in geen enkel reisgidsje vat. Men begrijpt Corsica pas als men er is geweest — en daarna begrijpt men waarom mensen er telkens naar terugkeren.

Het eiland is kleiner dan men denkt — 183 kilometer lang, 83 kilometer breed — maar bevat meer landschapsdiversiteit dan menig continent. In het binnenland rijdt men van strand naar bergpas in minder dan een uur. De Monte Cinto reikt tot 2.706 meter en is in juni nog besneeuwd terwijl in de baaien eronder de eerste zwemmers zijn aangekomen. De maquis — het geurige struikgewas dat het hele eiland bedekt — ruikt zo sterk dat zeelieden het al roken nog voor ze de kust zien. Napoleon zou dit bedoeld hebben toen hij zei dat hij zijn eiland altijd herkende aan zijn geur.

“Corsica is niet mooi. Corsica is ongelooflijk. Het verschil is dat mooi iets is wat men ziet, en ongelooflijk iets wat men voelt — in de benen na een klim, in de neus bij de maquis, in de mond bij de eerste hap lonzu.”

De Calanques de Piana — roze granieten kathedralen

Tussen de Golfe de Porto en het stadje Piana liggen de Calanques de Piana — een landschap van roze en oranje granieten rotsen dat door wind en zee is geboetseerd tot vormen die men voor sculptuur aanziet. Het staat op de UNESCO-lijst als onderdeel van het Golfe de Porto, samen met de Réserve de Scandola — het meest beschermde natuurgebied van het Middellandse-Zeegebied, uitsluitend per boot bereikbaar.

De weg door de Calanques — de D81 — is smal, bochtig en in het hoogseizoen gevaarlijk druk. Het geheim: kom vroeg in de ochtend of laat in de namiddag. Of neem een boot vanuit Porto — dan ziet men de rotsen van de zeekant, wat spectaculairder is.

Bonifacio — de witte stad boven de afgrond

Op de zuidpunt van het eiland hangt Bonifacio boven de zee op krijtkliffen die 70 meter hoog zijn en die door de eeuwen heen zijn uitgehold door de golven — zodat de onderste huizen van de stad letterlijk boven een holte in de rots hangen. De Genuese citadel bovenop is een labyrinth van smalle straatjes en witte gevels. Het is de meest dramatisch gelegen stad van Frankrijk — en voor zonsopkomst of na de avondboten volkomen verlaten.

Corte — het hart dat klopt

Terwijl de kust in de zomer overloopt, is Corte altijd zichzelf gebleven. De enige binnenlandse stad van Corsica — op een rots, omringd door bergketens, met de Université de Corse als intellectueel centrum — heeft een authenticiteit die men aan de kust moeizaam zoekt. De citadel kijkt uit over de samenvloeiing van de Tavignano en de Restonica. In de stegen verkopen slagers lonzu en coppa van eigen varkens. Niemand haast zich.

De GR20 — zwaarste pad van Europa

De GR20 loopt 180 kilometer dwars over het eiland van Calenzana in het noorden naar Conca in het zuiden — 16 etappes, 10.000 meter hoogteverschil, bergmeren, gletsjers en granieten kammen. Het wordt beschouwd als het zwaarste langeafstandspad van Europa. Maar men hoeft niet de hele route te lopen — één etappe, van Vizzavona naar de Bergeries de Grotelle, geeft al een indruk van wat het Corsicaanse binnenland is: wild, leeg en onherstelbaar mooi.

De Calanques de Piana — UNESCO-werelderfgoed, en toch bijna verlaten vroeg in de ochtend

Zo beleef je Corsica —
een week van kust tot bergkam