Hauts-de-France
Het meest miskende deel van Frankrijk — vlak bij Nederland maar zelden bezocht voor de schoonheid ervan. De Opaalkust, de keiensteden van Vlaanderen en de stille Somme-vallei zijn het best bewaarde geheim van het noorden.
Voorbij de snelweg —
het onbekende noorden
De meeste Nederlanders kennen Hauts-de-France uitsluitend als het stuk snelweg tussen de grens en Parijs. Maar wie afslaat, vindt een regio die dichter bij thuis is dan elke andere Franse bestemming — en die nauwelijks door toeristen wordt ontdekt.
De Hauts-de-France bestaat uit twee historische gebieden die elk hun eigen karakter hebben. Het noorden — het voormalige Flandre en Artois — heeft keiensteden, belforttorens en een Vlaams erfgoed dat men ook aan de andere kant van de grens herkent. Het zuiden — de Picardie — is zachter: valleien, gotische kathedralen en de rivier de Somme die door een landschap stroomt van rietvelden, watermolens en stilte.
De naam Somme is onlosmakelijk verbonden met de Eerste Wereldoorlog — de slag aan de Somme in 1916 was de bloedigste in de geschiedenis van het Britse leger. Maar het landschap zelf is vandaag rustig en ongerept. De slagvelden zijn overdekt met gras en klaprozen, de begraafplaatsen zijn verzorgd en ontroerend. Men bezoekt ze niet als toeristische attractie maar als plek van herdenking.
“Men hoeft in Noord-Frankrijk niet ver te rijden om te beseffen dat men op historische grond staat. Elk dorp heeft zijn monument, elke weg zijn verhaal — en toch is de stilte er volledig.”
De Opaalkust — de wildste kust ten noorden van Bretagne
De Côte d’Opale loopt van Calais tot aan de Baai van de Somme — 140 kilometer van krijtwitte kliffen, brede zandstranden en duingebieden die beschermd zijn als nationaal park. De Cap Gris-Nez en de Cap Blanc-Nez zijn de meest dramatische punten — hoge kliffen met uitzicht over het Kanaal, op heldere dagen tot aan de Engelse kust. De Grand Site des Deux Caps is een van de mooiste wandelgebieden van Noord-Frankrijk en vrijwel onbekend buiten de regio.
Wimereux is het mooiste stadje aan de kust — een bescheiden badplaats met art-deco villa’s, een promenade langs de zee en restaurants die uitsluitend verse vis en moules serveren. Geen toeristische overdaad, geen souvenirwinkels. Een glas bier van de lokale brasserie, het geluid van de golven, het einde van de dag.
Arras — de mooiste marktplaats van Frankrijk
Arras heeft twee verbonden marktplaatsen — de Grand’Place en de Place des Héros — omgeven door identieke Vlaamse barokgevel huizen op hoge arcaden. Het ensemble is zo perfect dat het bijna onecht lijkt. Toch weten de meeste Nederlanders niet eens dat Arras bestaat. Onder de stad loopt een netwerk van ondergrondse tunnels — de boves — die in de Eerste Wereldoorlog als troepenherberg dienden en nu als bezienswaardige catacomben te bezoeken zijn.
De Baai van de Somme — vogels en getijden
Waar de Somme in de zee uitmondt, vormt zich bij elk getij een nieuw landschap: droogvallende zandplaten, zilte weiden en rietvelden die thuishoren bij tienduizenden trekvogels. De Baie de Somme is een van de belangrijkste vogelgebieden van Noordwest-Europa. Men observeert er zeehonden die in de zon liggen op de zandbanken, zilverreigers die door het ondiepe water waden en in de herfst ganzen in formaties boven het riet. Le Crotoy is het mooiste dorpje aan de baai — een vissersdorp dat door Marcel Proust werd bezocht en dat sindsdien nauwelijks veranderd is.